Als ouder vergelijk je je kind al snel met andere kinderen. De één rolt eerder, de ander loopt eerder en weer een ander heeft een wat platter achterhoofd of loopt op zijn tenen. Online lees je al snel dat dit op een probleem kan wijzen, maar in werkelijkheid is de normale variatie groot.
Drie dingen zorgen vaak voor onnodige ongerustheid: een plat hoofdje, O-benen en op de tenen lopen.
Veel baby's ontwikkelen in de eerste maanden een wat plattere plek aan de achterkant of zijkant van het hoofd. Dat komt meestal doordat baby's veel tijd op hun rug doorbrengen, wat juist wordt aanbevolen om het risico op wiegendood te verkleinen.
In veel gevallen verbetert de vorm vanzelf wanneer een baby meer gaat rollen, zitten en bewegen.
Wel is het verstandig om extra aandacht te besteden aan voldoende tummy time wanneer de baby wakker is en regelmatig van houding te wisselen.
Bij jonge kinderen lijken de benen regelmatig naar buiten te buigen. Dat ziet er soms opvallend uit, maar hoort meestal bij de normale groei.
Naarmate kinderen ouder worden, verandert de stand van de benen geleidelijk vanzelf. Pas later ontwikkelt zich de uiteindelijke beenstand.
Alleen de vorm van de benen zegt daarom meestal weinig over de gezondheid.
Veel peuters lopen af en toe op hun tenen. Dat gebeurt vaak wanneer ze enthousiast zijn, snel willen bewegen of nieuwe manieren van lopen ontdekken.
Zolang een kind ook gewoon met de hele voet kan lopen, is dit meestal geen reden tot zorg.
Niet één afzonderlijk kenmerk is meestal doorslaggevend. Het totaalbeeld is belangrijker.
Neem contact op met een arts of het consultatiebureau wanneer:
Veel lichamelijke kenmerken veranderen vanzelf tijdens de eerste levensjaren. Niet alles wat afwijkt van het gemiddelde is een afwijking.
Het is begrijpelijk dat ouders alert zijn, maar het helpt om niet alleen naar één kenmerk te kijken. Groei, beweging, ontwikkeling en het algemene functioneren geven samen een veel beter beeld dan één losse observatie.
Heeft iemand hier ervaring mee? Werd er bij jullie kind afgewacht of was er uiteindelijk toch verder onderzoek nodig?
Drie dingen zorgen vaak voor onnodige ongerustheid: een plat hoofdje, O-benen en op de tenen lopen.
Een plat hoofdje komt vaak voor
Veel baby's ontwikkelen in de eerste maanden een wat plattere plek aan de achterkant of zijkant van het hoofd. Dat komt meestal doordat baby's veel tijd op hun rug doorbrengen, wat juist wordt aanbevolen om het risico op wiegendood te verkleinen.
In veel gevallen verbetert de vorm vanzelf wanneer een baby meer gaat rollen, zitten en bewegen.
Wel is het verstandig om extra aandacht te besteden aan voldoende tummy time wanneer de baby wakker is en regelmatig van houding te wisselen.
O-benen zijn vaak onderdeel van de normale ontwikkeling
Bij jonge kinderen lijken de benen regelmatig naar buiten te buigen. Dat ziet er soms opvallend uit, maar hoort meestal bij de normale groei.
Naarmate kinderen ouder worden, verandert de stand van de benen geleidelijk vanzelf. Pas later ontwikkelt zich de uiteindelijke beenstand.
Alleen de vorm van de benen zegt daarom meestal weinig over de gezondheid.
Op de tenen lopen is niet altijd een probleem
Veel peuters lopen af en toe op hun tenen. Dat gebeurt vaak wanneer ze enthousiast zijn, snel willen bewegen of nieuwe manieren van lopen ontdekken.
Zolang een kind ook gewoon met de hele voet kan lopen, is dit meestal geen reden tot zorg.
Wanneer is het verstandig om advies te vragen?
Niet één afzonderlijk kenmerk is meestal doorslaggevend. Het totaalbeeld is belangrijker.
Neem contact op met een arts of het consultatiebureau wanneer:
- de afplatting van het hoofd snel toeneemt of duidelijk asymmetrisch is
- de benen sterk scheef blijven of het lopen duidelijk beïnvloeden
- een kind uitsluitend op de tenen loopt en de hielen niet meer op de grond zet
- er daarnaast een achterstand lijkt te zijn in andere onderdelen van de ontwikkeling
Het belangrijkste
Veel lichamelijke kenmerken veranderen vanzelf tijdens de eerste levensjaren. Niet alles wat afwijkt van het gemiddelde is een afwijking.
Het is begrijpelijk dat ouders alert zijn, maar het helpt om niet alleen naar één kenmerk te kijken. Groei, beweging, ontwikkeling en het algemene functioneren geven samen een veel beter beeld dan één losse observatie.
Heeft iemand hier ervaring mee? Werd er bij jullie kind afgewacht of was er uiteindelijk toch verder onderzoek nodig?